De Kilimanjaro: Een ijsbeer in Afrika (Deel II)

From dawn till dust (18 september 2012)

Mandara Huts (2700m) – Horombo Huts (3700m) 

“Great, het is stikdonker en nu moet ik nog naar het toilet.”, dacht ik, ronddraaiend in mijn bed zoekend naar een positie zodat ik mijn volle blaas kon vergeten. Het was nog niet erg genoeg dat ik al de hele nacht koud had gehad omdat ik besloten had in enkel mijn sleeping bag liner te slapen. ‘Afrika is warm.’, had ik gedacht. ‘Waarom zou dat ’s nachts anders zijn.’ De keuze om mijn slaapzak te houden voor hogere hoogtes wanneer het wel koud zou worden had me al gauw zuur opgebroken. Koppigheid en het feit dat er ’s nachts geen beetje licht is in onze hut, had ervoor gezorgd dat ik de slaapzak nog steeds niet uit mijn rugzak had gehaald. Ik hoorde Ruben ook woelenP1010416 in zijn bed, maar besloot te zwijgen. Hij had immers mijn raad om de slaapzak nog in de rugzak te houden eveneens opgevolgd. Het ronddraaien in mijn bed had geen zin meer. Ik stond op en zocht in het donker naar mijn head lamp. Ik zou toch moeten wennen aan het feit dat ik ’s nachts vaak naar het toilet moet gaan. Een negatief bijeffect van Diamox, het middel tegen hoogteziekte dat we nemen. Voor onze conditie hadden we niet meer gevreesd eens aangekomen in Tanzania. Niet na onze maanden van training en het succesvol uitwandelen van de Dodentocht in Bornem een maand eerder. Waar we echter wel schrik van hadden was de hoogte, meer bepaald hoogteziekte. Zelfs de grootste atleten die een poging hadden ondernomen om de Kilimanjaro te beklimmen waren gesneuveld door hoogteziekte. Iets waarvoor je helaas niet kunt trainen. Het had de doorslag gegeven om de Marangu-route in zes dagen in plaats van vijf af te leggen. Acclimatisatie was de enige manier om hoogteziekte te voorkomen… en Diamox, zo hadden we gehoopt. Ik opende voorzichtig de deur van de hut om Mark en Ruben niet wakker te maken en stapte met losse veters op het gras. Zo donker was het buiten niet. Duizenden sterren verlichtten de hemel. Ik wandelde richting de hut waar de toiletten waren, ondanks het feit dat we aanvankelijk de primitieve gaten in de grond wilden mijden en in de bosjes gaan. “Had ik ook al aan gedacht”, had Mark gezegd. ‘ware het niet dat ’s nachts de jakhalzen in de omgeving actief zijn.” Een jakhals die op het licht van onze koplamp afkomt terwijl we onze behoefte doen, daar pasten we voor. Met enkel het geluid van huilende bush babies die de stilte van de nacht doorbraken bezocht ik gauw het toilet vooraleer terug in mijn bed te kruipen.

P1010424’s Morgens worden we om zeven uur gewekt door Salim en kregen we koffie en thee als opkikker. Iets wat Ruben en ik goed konden gebruiken gezien de korte nacht. Mark lachte toen we hem vertelden over onze gebrekkige slaap door de kou. Een van de helpers van ons team (later Chicken head door Mark genoemd door de muts met hanenkam die hij altijd droeg) bracht ons nog een kom warm water om ons te wassen. Het zou ons dagelijkse ochtendritueel worden de komende dagen. Na een stevig ontbijt met porridge, een soort havermoutpap, en eieren met worstjes vertrokken we vanuit het eerste kamp. Doordat we al gauw boven de 3000 meter zouden klimmen werden we aangeraden ons iets warmer te kleden. Het weer op een berg is immers onvoorspelbaar en hoe hoger je je bevindt, hoe kouder. Al na een klein half uur veranderde de vegetatie. We lieten het tropisch regenwoud achter ons en bevonden ons nu in savannegebied. Geen bomen meer die ons schaduw boden en beschermden tegen de Afrikaanse zon. “Pff, die warme kledij hadden we echt niet nodig.”, zucht Ruben. Gisteren was er nog bewolking geweest, maar dat was vandaag niet het geval. Een helderblauwe hemel zorgde ervoor dat de zon op volle kracht zijn werk kon doen. Onze fleece trui deden we al gauw terug uit. “Die elf kilometer naar Horombo Huts vandaag zal afzien worden.”, zuchtte ik. De rugzak die nauwelijks lichter was dan gisteren hielp ons ook niet echt. Toen we gisteren aankwamen bij de Mandara Huts hadden we gekeken hoe we onze rugzak lichter konden maken. Plaatsgebrek in de duffel bag die de dragers telkens dragen elimineerde alle opties, zodat we ook vandaag met een propvolle rugzak vol eten en drank naar het volgende kamp moesten klimmen.

Het gebrek aan bomen op deze hoogte zorgde ervoor dat we wat meer van het landschap op de Kilimanjaro zagen. Bijna de volledige route naar het tweede kamp konden we Mawenzi bewonderen, een tweede top van de Kilimanjaro. Met zijn 5100 meter was hij slechts iets lager dan Uhuru Peak, of Kibo zoals de gids hem noemt. Ook die zagen we vandaag voor het eerst. Als een grote zwarte rots liggend op de horizon, met een vlekje sneeuw op de kant, lag ons doel voor ons uit. Het vlekje sneeuw was echter een gletsjer die vlak bij het hoogste punt lag. De gletsjer die de laatste jaren is geslonken door de opwarming van de aarde, zo wordt beweerd. Net hetgeen we de aandacht op willen vestigen met onze klim. Al is het vreemd om een gletsjer te zien zo diep in Afrika, toch is het triest.

De Marangu route is de populairste route op de Kilimanjaro. En in tegenstelling tot gisteren is dat te merken. Voortdurend komen we dragers en medeklimmers tegen die ofwel op slentertempo zich naar de top begeven, of die in haastig tempo terug afdalen naar de Marangu Gate. ‘Jambo.’, het woord dat we allen gebruiken als we elkaar kruisen op het pad. Het is één van de weinige woorden Swahili dat we ondertussen hebben geleerd. De groet hebben we dan ook meer dan genoeg gehoord vandaag.

Rond kwart na twee komen we na een kleine zes uur wandelen aan in het tweede kamp, Horombo Huts. Het kamp waar we de komende twee nachten zullen verblijven. Met 3720 meter zitten we op een hoogte waar er nog 70% zuurstof overblijft. Het is tevens het hoogste punt dat ik ooit heb bereikt. In het kamp worden we herenigd met Mark, onze landgenoot, met wie we opnieuw een hut delen. Mark had in haastig tempo geklommen en was dus al een tijd in het kamp en kon zo twee bedden voor ons vrij houden. Om drie uur brengt Chicken Head ons popcorn en thee of koffie, iets wat hij dagelijks zou doen nadat we onze hike voor de dag hadden voltooid. Na ons vieruurtje hebben we nog even tijd om het kamp te verkennen en ons volledig te installeren in de hut. Voor we het weten worden we gevraagd terug aan tafel te gaan zitten voor het avondeten. Na het eten merken we dat het al terug donker is, al is het pas acht uur. We besluiten om dan maar te gaan slapen, gezien het niet aan te raden is rond te dwalen in het met rotsen bezaaide kamp. Wat slaap inhalen lijkt ons dan ook het verstandigst. Ditmaal mét slaapzak.

Fotoalbum Kilimanjaro

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s