VIJFTIG TINTEN GROEN (DEEL III)

Het is maar erg stilletjes de eerste kilometers nadat we Ruuna hebben verlaten. Zowel Linsay als ikzelf zijn in diepe gedachten verzonken. “Hoe lossen we dit probleem op?”, denk ik bij mezelf. We bevinden ons midden in de wildernis met een minimum aan eten. Terugkeren is geen optie gezien ons startpunt al evenzeer onbewoond is. Alleen op ons eindpunt zijn we zeker dat we aan eten geraken. Maar dat is nog zes dagen vanaf nu. Het zorgt ervoor dat we erg zuinig met onze maaltijden omspringen. Nog terend op onze warme maaltijd van deze middag bestaat ons avondmaal uit een enkele boterham met kaas.

Dan maar vissen

Tijdens de eerste avond voorafgaand aan onze tocht slaagde ik er net niet in een vis binnendscf1034 te halen met een vishengel die Linsay zelf ineen had gestoken. Een geel stukje touw, een stukje ijzer geplooid in een haakje, een stevige tak en een klein stukje brood. Meer had ik niet nodig om beet te hebben. Dat de vis net ontsnapte was deels te wijten aan het te lichte haakje en een verraste ikzelf. Nooit had ik gedacht dat een vis ook maar even aan de haak zou blijven hangen. Drie dagen later spelen we opnieuw met het idee om een poging te ondernemen en deze keer met succes een vis te vangen. Uit noodzaak ditmaal. Met een knorrende maag komen we aan op een plaats die ons geschikt lijkt om onze tent te plaatsen. Linsay begint met onze vishengel wat aan te passen zodat hij wat steviger is, terwijl ik de tent opzet. Een half uur later zit ik aan de oever van een nabijgelegen meertje geduldig te wachten op evenveel succes als de eerste avond. Helaas, mijn geduld is al snel op als ik voor de vijfde keer in bijna evenveel minuten een nieuw stukje droog brood aan het haakje hang. Dat een grote zwerm muggen me voortdurend lastig valt helpt daar ook aan bij natuurlijk. “Vervelende muggen.”, zucht ik, heen en weer zwaaiend met mijn linkerarm om de rotdieren op een afstand te houden. “Potver! Nu ben ik weer een stukje brood kwijt.” Ik gooi de hengel wild aan de kant en ga bij het kampvuur zitten. “Met die hengel lukt het nooit om aan vis te geraken.”, zeg ik tegen Linsay terwijl ik een van de twee zakjes rijst uit de rugzak haal. “Dan maar een kleine portie rijst delen.”, zucht Linsay.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Wat geluk… en wat pech

Met veel plezier keek ik naar de afleveringen van Ultimate Survival Alaska op Discovery. Hoe groepjes avonturiers erin slaagden een grote afstand door de wildernis af te leggen en te overleven was intrigerend om te zien. Dat ze vaak ‘toevallig’ drie paar ski’s in de wildernis vonden, om daarna al skiënd net op tijd de meet te halen, was iets wat je er gewoon moest bijnemen als je naar een Amerikaans programma keek. Zelfs niet in onze stoutste dromen kwam het voor dat we plotseling een zak eten vonden die ons probleem zou oplossen. We wrijven dan ook tweemaal in onze ogen als we bij de laatste hut van het

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Ons voedsel voor de resterende drie dagen

visgebied Anaikinen een achtergelaten vishengel vinden. In perfecte staat. Het hongergevoel overtuigt ons al snel om de hengel mee te nemen en niet af te wachten of er al dan niet nog iemand om zou komen.  Rond de middag krijgen we ons eerste blik op de Jongunjoki, de wildernisrivier die we binnen twee dagen zullen afvaren naar onze eindbestemming. Bij de eerste shelter langs de rivier houden we halt voor een vlugge lunch. Rijst met mosterd. Hoezeer we ook dachten dat het geluk ons eindelijk wat meezat na het vinden van een vishengel, hoezeer we vloekten als na vijf minuten ons brandertje op was. “Euhm, Linsay? Gedaan met warm eten denk ik.”. Ik schud aan het gasflesje in de hoop het nog even aan de praat te krijgen maar nee hoor. Niet alleen hebben we maar weinig eten meer, maar nu is ook nog eens onze gasfles leeg. En gezien we deze steeds gebruikten met de ontsteking zal het je niet verbazen dat we geen lucifers bij hadden. Het gebrek aan lucifers zou ons nog zuurder opbreken als we ’s avonds er niet in slaagden een kampvuur te starten (dit deden we voorheen met de brander en een propje papier). Het vuur, ons enige efficiënte hulpmiddel tegen de bijtgrage muggen is nu ook verdwenen.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

En opnieuw wat geluk

Herinner je je het stukje over de ‘toevalligheden’ tijdens Ultimate Survival Alaska. Voor heel even lijkt het alsof we in hetzelfde programma zijn beland. Geen eten maar wel een vishengel vinden. Geen vuur meer kunnen maken… en jawel op dag zes vinden we lucifers in een van de wildernishutten. Hiermee was al meteen één probleem opgelost. Het andere daarentegen… Vissen leek ons de perfecte oplossing om aan voedsel te geraken. Maar hoe vang je een vis als je niets hebt om aan het haakje te hangen? We hadden op voorhand gesteld één van de droge boterhammen op te offeren en als lokaas te gebruiken. Zonder succes. Heel erg stiekem hoopten we dat we bij aankomst in Teljo, het eindpunt van de Karhunpolku, iets van beschaving zouden tegenkomen. Dat bleek ijdele hoop als we merkten dat de trail op zijn einde liep bij een godverlaten weg.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s